De A van …

De A van …

Ik heb ‘m! Mijn eerste A! Het zou de titel van een boekje voor kleuters kunnen zijn, maar nee. Mijn eerste A prijkt op het voorblad van een door mij ingeleverde opdracht: een essay over de sloppenwijken in het New York van de jaren ’20 (duidelijk niet voor kleuters). Vol trots heb ik de “letter” genoteerd in de cijferlijst in mijn agenda, hoewel het dus eigenlijk letterlijst zou moeten heten.

Voor diegene die het nog niet wisten, in de VS gebruiken ze niet een schaal van één tot tien in het onderwijs. Die “gekke” Amerikanen, normaal gesproken zo dol op cijfertjes en statistieken, geven letters van A tot F, waarbij A het hoogst is en F (“failure”) het laagst. Om het geheel iets aan te kleden willen docenten er weleens een plus of een min achter zetten. Een A+ is zodoende de best mogelijke beoordeling.

Voordat iedereen denkt dat die Amerikanen weer bijzonder moeten zijn, denk eens aan Duitsland. Daar gebruiken ze een schaal van één tot zes, met een één als hoogste cijfer. Een kort onderzoek op het altijd betrouwbare Wikipedia leert dat bijna elke land ter wereld een ander systeem heeft. Zelfs Europees gezien is er veel verschil. België en Frankrijk hebben een 1-20 schaal, Finland en Roemenië een 4-10 schaal en in Denemarken kun je zelfs een -3 krijgen. (In het kader van de Europese eenwording zou ik zeggen: doe er iets aan!)

Maar weer terug naar de A van Amerika en van mijn essay. Het goede resultaat verraadt dat het studeren goed gaat, al is het wel hard werken. In Groningen is het ritme drie maanden rustig aan, twee weken blokken voor de tentamens. Aan Furman is het drie maanden plus twee weken vol aan de bak. Bovendien heb ik elke dag college. Het is soms net alsof ik terug ben op de middelbare school, maar het hoge niveau helpt me gauw uit die droom.

Ik volg drie vakken: Moderne Politieke Theorie, Afro-Amerikaanse Literatuur en Geschiedenis van de VS, 1890-1941. Veel politiek heb ik nog niet gehad bij het eerste vak. Het gaat voornamelijk over het opvoeden en onderwijzen van kinderen zodat ze later rationele mensen zijn. Een paar voorbeelden: Was babies met koud water zodat ze aan de kou wennen, maak kinderen ongevoelig voor hun verlangens door ze niet te geven wat ze willen, en wees streng in het begin, maar zorg dat je hun vriend wordt als ze opgroeien. Ik kan inmiddels een boekje vol schrijven met opvoedkundige tips als deze. Niet voor kleuters, maar voor ouders.

Het minste plezier beleef ik aan mijn literatuurvak. Elke twee weken een roman lezen, omdat het moet. Hoe leuk het boek ook is, als iets moet gaat de lol er snel van af. Geschiedenis vind ik het leukst. Daar heb ik dan ook de A voor gehaald. Omdat ik in een goede bui ben, krijgen jullie, de lezers, van mij ook een A. De A van adios.

Deze column is onderdeel van een tweewekelijkse serie te lezen op www.emmen.nu en in de papieren versie daarvan.

Foto: jakevol2, Flickr.