Blijven oefenen

Ik kom net thuis van een basketbalwedstrijd. Alweer verloren. 91-46 tegen de grote rivalen van Clemson University, zo’n 45 minuten rijden van Furman. Alex, een vriend die boven mij woont, speelde mee. Het was David tegen Goliath. Furman is maar een kleine universiteit met ruim 2.000 studenten tegenover Clemson dat 17.000 man sterk is. (En dat terwijl in het stadje Clemson nog geen 12.000 mensen wonen). Ze hebben simpelweg meer geld en een grotere poel om uit te vissen.

Dat we bijna met dubbele cijfers zijn ingemaakt deed niets af aan de beleving. Het bijwonen van een wedstrijd van wat voor sport dan ook is een totaal andere ervaring dan in Nederland. De pasjes van de cheerleaders, de deuntjes van de fanfare, de gratis T-shirts die het publiek in worden gegooid. Amerikanen moeten elke minuut vermaakt worden. Het publiek doet fanatiek mee. Ik geloof dat ik nog nooit zoveel mensen zo gepassioneerd een scheidsrechter heb horen uitjouwen.

Jong en oud was op de wedstrijd afgekomen. Natuurlijk waren er veel studenten te vinden, uitgedost in het oranje van Clemson, die hun universiteit aanmoedigden. Maar er waren minstens zoveel niet-studenten. Mensen die in een ver verleden gestudeerd hebben aan de universiteit. Oud-studenten blijven vaak hun leven lang fan van de sportteams. Gezellig een avondje met het gezin naar een wedstrijd toe is het credo.

Als je een sport wilt beoefenen, doe je dat in Amerika voor een school of universiteit. Er bestaan geen clubteams zoals FC Groningen of E&O. Als je het Amerikaanse systeem toepast in Emmen, krijg je bijvoorbeeld de Esdal Tijgers of de Hondsrug Hunebedden. Het nadeel is dat je goed moet zijn om in het team te komen. Hier wordt immers de jeugd opgeleid die later professioneel de sport moet gaan beoefenen.

Het klinkt misschien lachwekkend, maar het lachen vergaat je gauw als je de bedragen hoort waar het om draait. Sport is ‘big business’. De wedstrijden tussen universiteiten worden live uitgezonden op tv. Het tv-station CBS heeft de rechten voor het mannenbasketbal gekocht voor ruim 380 miljoen euro per jaar. Onthoud dat het hier niet om de NBA gaat, de professionele basketbalcompetitie. (Ter vergelijking, de Nederlandse voetbalrechten zijn zo’n 70 miljoen euro per jaar waard). Topcoaches in het basketbal verdienen in het universiteitencircuit makkelijk meer dan $1 miljoen.

Zo’n fors salaris ontvangt de hoofdcoach van Furman niet. Ondanks het kleinere budget, is de prestigestrijd er niet minder om. Om zo goed mogelijk te presteren in verschillende sporten worden studenten uit het buitenland gehaald om hier te basketballen, voetballen of zelfs te tennissen. Ze krijgen hun volledige opleiding vergoed door Furman.

Je hoeft dus niet per definitie slim te zijn om te studeren aan een universiteit. Dat geldt zeker voor Alex, een vriendelijke reus die met zijn twee meter een aardig potje kan basketballen. Maar zo soepel als de bal door de ring gaat, zo stroef gaat Alex de boeken in. Als hij in Australië was gebleven had hij nu allang gewerkt, zegt ‘ie zelf. Zijn leven staat in het teken van basketbal.

Blijven oefenen, Alex. Dan winnen we hopelijk volgende week.

Deze column is onderdeel van een tweewekelijkse serie te lezen in Emmen.nu

Foto: laffy4k, Flickr.