Eigen stroom, eigen water: met deze wooncontainer heb je geen energiebedrijf nodig

Eigen stroom, eigen water: met deze wooncontainer heb je geen energiebedrijf nodig

Apetrots loopt Gert van Vugt (26) door zijn tot woning omgebouwde zeecontainer. Zes weken geleden was dit nog een kale, koude tunnel, nu loopt de CEO van de startup Sustainer Homes in acht passen van de keuken naar de slaapkamer. Het bed is opgemaakt, vetplanten sieren de muur en boeken en vaasjes vullen de kast. Door de vijf grote ramen en het open interieur voelt het niet als een krappe container van net geen 14 meter lang, met de breedte van een flinke bestelbus. Dit is een huis.

Tien jaar lang heeft de metalen kist de hele wereld overgevaren met allerlei ladingen: spijkerbroeken, stofzuigers, sportschoenen, fietsen. Nu begint de donkergrijze zeecontainer op een Hilversums bedrijventerrein aan een tweede leven als woning.

Maar niet zomaar eentje: de container voorziet volledig in zijn eigen energiebehoefte. Aansluiting op het gas-, water- en elektriciteitsnet is overbodig en dat scheelt in de kosten. Een gemiddeld gezin is in vijftien jaar 35.000 euro kwijt aan energie, becijferde klimaatclub Urgenda (pdf). Dat bedrag bespaar je met de zelfvoorzienende wooncontainer.

Op het dak van de ‘sustainer’, zoals Van Vugt de woning noemt, staan zestien zonnepanelen en twee windturbines, die in combinatie met een accusysteem voldoende stroom leveren voor de verlichting, koelkast, wasmachine, vaatwasser en inductiekookplaat. De regen die op het dak valt, belandt in een grote tank van enkele duizenden liters. Na zuivering komt de neerslag als helder drinkwater uit de kraan.

Het eerste prototype van de containerwoning is nog niet af. Zo moet het watervat nog geplaatst worden. En de warmtepomp die de ruimte moet verwarmen en koelen is ook nog niet functioneel. Boorgeluiden en voetstappen op het dak verraden dat het team volop bezig is om meer systemen te installeren.

Binnen rommelt Van Vugt wat aan in de nog lege ruimte waar de badkamer moet komen. Hij komt tevoorschijn met een stoffige Senseo, zet ‘m neer op het aanrecht en duwt de stekker in het stopcontact. Daar komt 230 volt uit, net als in een normaal huis. Alleen is de energie nu geleverd door de zonnecellen op het dak.

Klimaatverandering grote uitdaging

“Ik ben altijd erg geïnteresseerd geweest in energievraagstukken”, zegt Van Vugt, terwijl hij de kop koffie op tafel zet. “De film An Inconvenient Truth van Al Gore en de economische crisis, dat was de context waarin ik in 2007 ging studeren. Klimaatverandering is de grote uitdaging van onze generatie. Ik ben sociologie gaan doen om te kijken hoe we onze maatschappij duurzamer in kunnen richten.”

Middelbareschoolvriend Wolf Bierens (26) koos om dezelfde reden voor milieutechnologie. Samen staan ze nu aan de basis van Sustainer Homes, de startup die zelfvoorzienende containerwoningen verkoopt.

Het idee ontstaat een jaar geleden op een terras in Eindhoven, waar de twee jonge ondernemers een biertje drinken na een dag hard werken. Ze hebben dan nog een bedrijfje dat zonnepanelen installeert. “We zagen een bestelbus staan, een grote”, vertelt Bierens, die even van het dak is gekomen om binnen iets aan te sluiten. “We gingen denken: hoeveel zonnepanelen passen erop? Wat kost het? Met een bed en een keukentje waar je elektrisch kookt, zou je erin moeten kunnen wonen. Dan hoef je geen huur te betalen.” Daar op dat terras bedenken ze al filosoferend het mobiele huis.

Later dat jaar komt de bevriende ondernemer Wouter Hassing van Meat the Mushroom bij het tweetal met een verzoek. Hij kweekt paddenstoelen in zeecontainers en wil met zonnepanelen onafhankelijk worden van het energienet. “De zeecontainer bleek de ideale vorm voor ons mobiele huis”, zegt Van Vugt. “De afmetingen zijn zo dat de energie die je op kunt wekken met panelen en twee windturbines veel groter is dan wat je verbruikt, zelfs in de winter. Toen kwam het idee om ook de water- en nutriëntenkringloop te sluiten.”

Deelname aan Startupbootcamp

Het gedachte-experiment op het terras neemt langzamerhand steeds serieuzere vormen aan. Van Vugt en Bierens breiden het team uit met arbeidssociologe Jacintha Baas (23) en architect Sol van Kempen (25). Met zijn vieren zijn zij de oprichters van Sustainer Homes. Later komen daar nog waterdeskundige Nick de Haas, interieurontwerper Niek Schoenmakers en communityspecialist Stephanie Heckman bij.

Ze schrijven zich in voor het acceleratorprogramma Smart City & Living van Startupbootcamp en horen in maart van dit jaar dat ze zijn toegelaten. Dat is het signaal voor de oprichters om zich fulltime op de startup te storten.

Via het netwerk van Startupbootcamp komen ze in contact met Unit 45, marktleider op het gebied van 45-voets containers, die hen een zeecontainer schenkt. Die wordt uitgedeukt en onder handen genomen door specialist Groenenboom uit Oosterhout: de kozijnen worden uitgefreesd en de wanden verstevigd. Vervolgens is de container met hulp van vrienden en familie in vijf weken zo goed als woonklaar gemaakt. Op tijd voor de demodag van Startupbootcamp op 3 juli in Amsterdam.

“Dat was wel even een geluksmomentje. Toen-ie daar stond, helemaal ingericht”, zegt Van Vugt. “We hebben honderden mensen de containerwoning kunnen laten zien. Dat was fantastisch.”

De dag ervoor was het nog even spannend op het bedrijventerrein in Hilversum. “Het was de eerste keer dat de container werd opgetild en verplaatst. Misschien zou-ie wel in tweeën breken.” Dat gebeurde gelukkig niet. Het leverde wel een iconische foto op, waarbij het team poseert onder de zwevende container.

Cradle-to-cradle

Nu is de mobiele woning weer terug op zijn vaste stek in Hilversum, steunend op vier stoeptegels — in elke hoek één — en met twee pallets als opstapje voor de deur. Van Vugt zit binnen, in een stoel gemaakt van oude koelkasten. Boven de keukentafel hangt een lamp van hergebruikte cd’s.

“We wilden zoveel mogelijk milieuvriendelijke materialen gebruiken. Volgens het principe van cradle-to-cradle”, zegt Van Vugt. Zo zijn de wanden en kasten gemaakt van Ecoboard, een plaatmateriaal van geperst landbouwafval dat 100 procent biologisch afbreekbaar is. “In dit prototype wilden we het Ecoboard laten zien. Maar de container kan helemaal geschilderd opgeleverd worden.”

De oprichters wilden een woning ontwerpen waar ze zelf in zouden willen wonen. Daar zijn ze volgens Van Vugt in geslaagd. “De effectieve leefruimte zit tegen de dertig vierkante meter aan, vergelijkbaar met wat ik nu heb in Utrecht.” Constructies met inklappende tafels en bedden zoals in een caravan zijn bewust vermeden. “Ik ga niet elke dag mijn bed vastgespen.”

Composttoilet en warmtepomp

Er is één vierkant hok waar niet geleefd wordt. Ingeklemd tussen de badkamer en de keuken zit het zenuwcentrum van de container: de plek met de omvormers, de accu, een warmtepomp en de boiler. Hier komt alles samen. De helft van alle kosten, zo’n 30.000 euro, gaan aan op aan deze systemen, inclusief de zonnepanelen en windturbines. Het is de technologie die het mogelijk maakt om zonder aansluiting op een energienet comfortabel te leven.

“We hebben hier een omvormer hangen van 7.000 watt. Dat is evenveel als je normaal gesproken in je eigen huis gebruikt”, zegt Van Vugt. “Je kunt de vaatwasser, de wasmachine, de inductieplaat en de verwarming tegelijkertijd aanzetten en dan springt de groep er nog niet uit.”

Vijf tot tien minuten douchen per dag kan zonder problemen. Met het watervat kun je met normaal waterverbruik een droge periode van zo’n twee weken overbruggen. Daar zit toiletbezoek niet bij inbegrepen, want in de badkamer komt een composttoilet dat geen spoelwater gebruikt. In plaats daarvan gaat de urine door een plantenfilter en zo het grondwater in. De vaste ontlasting wordt geventileerd, gedroogd en verandert in een potgrondachtige substantie die je in de tuin kunt gebruiken.

De zeecontainer wordt verwarmd door een warmtepomp, een soort omgekeerde koelkast. Die verzamelt warmte uit de buitenlucht en geeft die binnen af via een ventilatiesysteem. Een warmtepomp gebruikt wel elektriciteit, maar de totale hoeveelheid energie die het systeem gebruikt is veel lager dan met een gasgestookte hr-ketel.

Energiedal in december en januari

Het grootste probleem bij de zeecontainer is het doorkomen van het ‘energiedal’ in december en januari. Dan schijnt de zon amper, is het koud en moet je de woning verwarmen. Het team heeft een aardewal overwogen om de boel te isoleren. Maar dat ging niet: door de druk van het zand zou de wand van de container het begeven. Uiteindelijk is de oplossing gevonden in de combinatie van zonnepanelen met een hoog rendement, hybride panelen die ook warmte opvangen, windturbines, dubbel glas en een oriëntatie op het zuiden.

“We hebben voor 20 jaar weerdata gemodelleerd en dan zie je dat er maximaal veertien dagen per jaar zijn waarin je met normaal energiegebruik het lastig krijgt”, geeft Van Vugt aan. “Maar dat gat kom je wel door. Door de temperatuur 1 of 2 graden lager te zetten, niet te veel stoofpotten te koken maar je kookgedrag iets aan te passen en wellicht iets minder lang te douchen. En natuurlijk een warme trui aantrekken.”

Toch kan de container niet zomaar overal geplaatst worden. De modellen gaan uit van een locatie in Oost-Nederland, met minder wind en zon. “Daar werkt-ie, dus in het westen van Nederland gaat het dan sowieso”, aldus Van Vugt. “Maar er zijn bepaalde regio’s in Noord-Nederland waar het echt enorm koud wordt. Daar moeten we opnieuw modelleren om te zien of dat wel gaat.”

Bungalowparken en B&B’s

Het grote voordeel van de zeecontainer is dat-ie op locaties kan staan waar reguliere bouw niet mogelijk is. “Je hoeft de grond niet eens bouwrijp te maken. Op bijna alle plekken is het een kwestie van een paar stoeptegels en klaar”, zegt Van Vugt. “In drassige grond werken we met een schroefsysteem, met schroeven van een meter lang. Daar kan de container jaren op staan zonder te verzakken.”

In Nederland blijft de komende twintig jaar zo’n 70 duizend hectare grond onbenut, bijna vier keer de oppervlakte van het eiland Texel. Gemeentes, woningcorporaties en projectontwikkelaars zouden een deal kunnen sluiten met Sustainer Homes om op braakliggend terrein tijdelijke woningen te plaatsen. Ideaal voor starters op de krappe huizenmarkt.

Voorlopig richt Van Vugt zich echter op de toeristische sector. Hij is in gesprek met meerdere bungalowparken en ondernemers die van de zeecontainer een vakantiehuisje of bed & breakfast willen maken. Dat wil de startup wel eerst zelf testen. Op het veldje naast de huidige staplek moeten zes nieuwe containerwoningen verrijzen, die worden verhuurd.

Dan moet het bouwen wel een stuk sneller. “We hebben veel geleerd van het eerste prototype”, aldus Van Vugt. “In de toekomst moet het lukken om met één persoon een containerwoning in elkaar te zetten.” De truc is de constructie modulair te maken. “Dan is het een kwestie van de losse segmenten erin rollen en de kabels doortrekken. Het moet mogelijk zijn om hier 5 à 6 per maand te produceren. Daar willen we eigenlijk eind volgend jaar al op zitten.”

Financiering en samenwerking met Eneco

Om de operatie op te kunnen schalen, is Van Vugt op zoek naar 350.000 euro. “Met dat bedrag kunnen we onze R&D financieren. We praten met een aantal investeerders en zijn op zoek naar strategische partners, mensen die naast geld ook kennis toe kunnen voegen en een goed netwerk hebben.”

Tot nu toe kreeg Sustainer Homes een investering van 15.000 euro van Startupbootcamp. Ook de eigenaar van Werf 35, de verzamelplaats voor bedrijven in Hilversum waar de container staat, heeft geld in het project gestopt. “Hij was erg te spreken over ons concept en heeft ons geholpen met het financieren van het eerste prototype.”

Wat moet een containerwoning eigenlijk kosten? “We mikken op een verkoopbedrag tussen de 70 en 80 duizend. Dan maken we een bescheiden winst. Daar kunnen wij op de korte termijn mee vooruit”, zegt Van Vugt. Hij merkt daarbij op dat de prijs exclusief btw is. De ‘sustainer’ is namelijk een roerend goed, wat betekent dat de btw terug te vragen is bij de Belastingdienst.

Het prototype is inmiddels verkocht aan energieleverancier Eneco voor 75.000 euro. In oktober moet de woning opgeleverd worden. De aankoop is onderdeel van een tweejarige samenwerking. “Voor ons is dat fijn om zo’n grote partner te hebben die veel ervaring heeft”, aldus Van Vugt. “Voor hen is het mooi om op één plek al die duurzame technologie te hebben en om dat te kunnen testen. Het is echt een levend lab.”

Uitbreiden in Europa

Nederland heeft een fijnmazig energienetwerk, waardoor er bijna geen locaties zijn zonder gas, water of elektriciteit. “Eigenlijk is off-grid gaan hier meestal niet rendabel. Daarom is Nederland ook niet de plek waar wij het groot gaan maken”, zegt Van Vugt. Hij denkt aan afgelegen gebieden in Europa, en misschien zelfs de VS en Australië. “Ik ben zelfs gebeld door mensen uit Argentinië en Colombia. En we praten met een klant die 15 sustainers in Turkije neer wil zetten.”

Over twee jaar is Sustainer Homes in heel Europa actief, denkt van Vugt. Op alle stukjes grond waar er geen kabels en leidingen liggen. “Dat gaan we kijken naar de eerste gemeenschappen en dorpjes die uit onze wooncontainers bestaan. En misschien zelfs kleine steden.”

Dit artikel verscheen eerder op Business Insider.